Offline door strafzaak: geen vergoeding voor gemiste influencerinkomsten

Rechtbank Amsterdam 10 februari 2026, ECLI:NL:RBAMS:2026:1411

Verzoekster, werkzaam als spreker en influencer, verzoekt na haar vrijspraak wegens smaadschrift om vergoeding van € 103.970 op grond van artikel 530 Sv, waaronder € 97.848 aan gederfde inkomsten doordat zij op advies van haar advocaat tijdelijk offline gaat. Zij stelt dat haar online afwezigheid direct leidt tot het wegvallen van opdrachten en samenwerkingen. Het Openbaar Ministerie betwist de causaliteit en voert aan dat geen sprake is van schade door tijdverzuim als bedoeld in artikel 530 Sv. De rechtbank oordeelt dat het Wetboek van Strafvordering alleen ruimte biedt voor vergoeding van daadwerkelijk geleden schade door tijdverzuim en niet voor indirecte inkomensschade. De gederfde inkomsten worden afgewezen, terwijl de kosten van de raadsvrouw en de verzoekschriftprocedure tot een totaal van € 6.125 worden toegewezen.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Gevangenisstraf voor voorhanden hebben foto van vals Brits rijbewijs

Gerechtshof ’s-Hertogenbosch 27 januari 2026, ECLI:NL:GHSHE:2026:226

Het hof veroordeelt een verdachte voor het opzettelijk voorhanden hebben van een foto van een vals Brits rijbewijs, bestemd voor gebruik als ware het echt en onvervalst. Het hof vernietigt het vonnis van de politierechter wegens het ontbreken van een uitgewerkte motivering en doet opnieuw recht. De verdachte wordt verweten dat hij wist dat het geschrift bestemd was voor gebruik in het maatschappelijk verkeer als authentiek document. Het verweer strekkende tot oplegging van een geheel voorwaardelijke gevangenisstraf of taakstraf wordt verworpen gelet op de ernst van het feit. Het hof legt een gevangenisstraf van 2 maanden op waarvan 1 maand voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaren.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Miljoenenontneming na illegale handel in gewasbeschermingsmiddelen

Rechtbank Gelderland 9 december 2025, ECLI:NL:RBGEL:2025:10878

De Rechtbank Gelderland stelt vast dat een rechtspersoon wederrechtelijk voordeel behaalt door zonder vereiste toelating gewasbeschermingsmiddelen op de markt te brengen en daarbij valse documenten te gebruiken. Het openbaar ministerie vordert ruim 2,5 miljoen euro aan ontneming, gebaseerd op een uitgebreide berekening per order. De verdediging voert verweren over bulkgoederen, re-export en het vertrouwensbeginsel, maar deze worden verworpen. De rechtbank oordeelt dat ook bulkverpakkingen onder de Verordening vallen en dat re-export onvoldoende aannemelijk is gemaakt. Daarnaast wordt vastgesteld dat valsheid in geschrift bijdraagt aan het behaalde voordeel. Het wederrechtelijk verkregen voordeel wordt uiteindelijk vastgesteld op ruim 1,6 miljoen euro en als betalingsverplichting aan de Staat opgelegd.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Ontbrekend zittingsproces-verbaal fataal voor ontnemingsarrest

Hoge Raad 10 februari 2026, ECLI:NL:HR:2026:181

Dit betreft een ontnemingszaak waarin het gerechtshof Amsterdam in 2009 een betalingsverplichting oplegt van 27.161,94 euro wegens wederrechtelijk verkregen voordeel uit onder meer diefstal, oplichting en witwassen. In cassatie klaagt de betrokkene dat het openbaar ministerie ten onrechte ontvankelijk is verklaard in de ontnemingsvordering en dat het hof ten onrechte verstek tegen hem heeft verleend. Voor de beoordeling van deze klachten is het proces-verbaal van de terechtzitting in hoger beroep van essentieel belang. Uit informatie van de griffier blijkt echter dat dit proces-verbaal niet meer beschikbaar is en ook niet kan worden gereconstrueerd. Daardoor kan de Hoge Raad niet toetsen wat zich ter terechtzitting heeft voorgedaan en of het middel terecht is voorgesteld, zodat de bestreden uitspraak niet in stand kan blijven. De Hoge Raad vernietigt het arrest en wijst de zaak terug naar het gerechtshof Amsterdam voor nieuwe berechting en afdoening.

Read More
Print Friendly and PDF ^

EOM Beslag op buitenlandse rekeningen en landbouwgronden houdt stand ondanks beroep op artikel 6 EVRM

Rechtbank Rotterdam 9 februari 2026, ECLI:NL:RBROT:2026:1605

De rechtbank beoordeelt een beklag ex artikel 552a Sv tegen conservatoir beslag op bankrekeningen en onroerende goederen in Duitsland en Italië in een onderzoek van het Europees Openbaar Ministerie naar onder meer valsheid in geschrift en subsidiefraude. De klaagster voert aan dat geen sprake is van een redelijk vermoeden van schuld, dat het beslag disproportioneel is en dat haar recht op een effectieve verdediging ex artikel 6 EVRM wordt geschonden. De gedelegeerd Europees aanklager stelt dat sprake is van verdenking van misdrijven waarop een geldboete van de vijfde categorie staat en dat het wederrechtelijk verkregen voordeel wordt geschat op ruim 1,3 miljoen euro. De rechtbank oordeelt dat het dossier voldoende is, dat sprake is van een redelijk vermoeden van schuld en dat het niet hoogst onwaarschijnlijk is dat een geldboete of ontnemingsmaatregel wordt opgelegd. Het beslag wordt proportioneel geacht en het beklag wordt ongegrond verklaard.

Read More
Print Friendly and PDF ^