Wet internationale sanctiemaatregelen (Wis) ingediend bij de Tweede Kamer

Op 19 februari jl. is het voorstel voor de Wet internationale sanctiemaatregelen (Wis) ingediend bij de Tweede Kamer. Dit wetsvoorstel moderniseert de Sanctiewet 1977. De veranderingen zijn aanzienlijk — en voor de bijzonder-strafrechtpraktijk direct relevant. De Wis breidt de bestuursrechtelijke handhaving van sanctieschendingen fors uit, introduceert vergaande interventiebevoegdheden bij ondernemingen en registergoederen, en richt een centraal meldpunt sancties op. In deze vlog lopen we de belangrijkste onderdelen langs.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Trefwoordenfiltering bij digitale gegevensdragers: rechtbank oordeelt dat niet-gedeelde cliëntdocumenten slechts bij concrete onderbouwing onder het verschoningsrecht vallen

Rechtbank Amsterdam 27 januari 2026, ECLI:NL:RBAMS:2026:1071

Deze uitspraak betreft een beklag van twee advocaten over de filtering van mogelijk verschoningsgerechtigde gegevens op de in beslag genomen laptop van hun cliënt. Hun cliënt wordt verdacht van passieve niet-ambtelijke omkoping en het doen van onjuiste aangiften inkomstenbelasting, terwijl hij de advocaten bijstaan in een fiscaal dispuut met de Belastingdienst. De rechter-commissaris laat onder haar regie een trefwoordenfiltering uitvoeren door een geheimhoudersfunctionaris en verricht een steekproef en aanvullende controles. Klagers stellen dat ook door de cliënt opgestelde, nog niet gedeelde documenten onder het verschoningsrecht vallen en mogelijk buiten de zoektermen zijn gebleven. De rechtbank oordeelt dat de gevolgde werkwijze, conform recente rechtspraak van de Hoge Raad, voldoende waarborgen biedt voor het verschoningsrecht. Het beklag wordt ongegrond verklaard omdat klagers hun stellingen over niet-gefilterde vertrouwelijke stukken onvoldoende concreet onderbouwen.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Ontnemingsvordering strandt na elf jaar stilstand: officier van justitie niet-ontvankelijk wegens ernstige termijnoverschrijding

Rechtbank Amsterdam 20 januari 2026, ECLI:NL:RBAMS:2026:1137

Deze zaak betreft een ontnemingsvordering tegen een veroordeelde wegens medeplegen van oplichting in de periode 2002–2005. De officier van justitie dient in 2010 een vordering in tot betaling van 59.959,50 aan wederrechtelijk verkregen voordeel. Na toewijzing van een getuigenverzoek in 2010 blijft de zaak ruim elf jaar stil liggen. Bij hervatting in 2026 vordert de officier van justitie zelf niet-ontvankelijkheid wegens ernstige overschrijding van de redelijke termijn. De rechtbank oordeelt dat het extreme tijdsverloop en het uitblijven van essentieel getuigenverhoor een eerlijke behandeling onmogelijk maken. De officier van justitie wordt daarom niet-ontvankelijk verklaard en er wordt geen betalingsverplichting opgelegd.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Aanpak fraude, milieucriminaliteit en witwassen vergt combinatie interventies

Voor de aanpak van financieel-economische criminaliteit (FINEC), zoals fraude, milieucriminaliteit en witwassen, is een combinatie van interventies nodig. Zowel wetenschappelijke studies als praktijkervaringen uit het veld onderschrijven die noodzaak. Niet één interventie bereikt het doel. En deze vormen van criminaliteit bieden bij uitstek de mogelijkheid om interventies in te zetten in verschillende en wisselende combinaties, toegesneden op de situatie. Dat maakt de uitvoering ervan wel complex. Er moet rekening worden gehouden met juridische aspecten rondom de combinatie van interventies en het vraagt om veel afstemming tussen betrokken uitvoerders.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Bruggenbouw met steekpenningen: omkoping van Sint Maartense minister bestraft

Rechtbank Overijssel 19 februari 2026, ECLI:NL:RBOVE:2026:857, ECLI:NL:RBOVE:2026:858 en ECLI:NL:RBOVE:2026:860

De rechtbank veroordeelt twee vennootschappen en hun bestuurder wegens ambtelijke omkoping bij de aanbesteding van de Simpson Bay Causeway Bridge op Sint Maarten, waarbij via een consultancyconstructie betalingen worden gedaan aan de minister van VROMI. De minister heeft feitelijk beslissende invloed op de gunning en ontvangt via een lokale agent een deel van diens fee, waarvan 83.000 daadwerkelijk contant wordt betaald. De rechtbank oordeelt dat de consultancyovereenkomst slechts dient om de betalingen boekhoudkundig te rechtvaardigen en dat de vennootschappen wetenschap hebben van de doorbetaling aan de minister. De verweren over de betrouwbaarheid van de kroongetuige, het ontbreken van bevoegdheid van de minister en het ontbreken van opzet worden verworpen. De rechtspersonen worden ieder veroordeeld tot een geldboete van 240.000, mede wegens overschrijding van de redelijke termijn gematigd. De bestuurder wordt vrijgesproken van medeplegen maar veroordeeld wegens feitelijke leidinggeven tot een geldboete van 30.000.

Read More
Print Friendly and PDF ^