Wanneer publicatie van de naam van de verdachte op Rechtspraak.nl?
/In korte tijd verschenen twee interessante uitspraken over de (niet-)anonimisering van vonnissen op Rechtspraak.nl. In beide zaken verzocht het Openbaar Ministerie om de naam van de verdachte ongeanonimiseerd te publiceren. De uitkomst was echter verschillend: de rechtbank Rotterdam gaf het verzoek wel gehoor, het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden niet. Wat maakt het verschil?
Zaak 1: Fraude op grote schaal – rechtbank Rotterdam publiceert naam
De eerste zaak betreft een 67-jarige belastingadviseur uit Rijswijk, die werd veroordeeld tot 16 maanden gevangenisstraf én een beroepsverbod van 5 jaar. De man gaf feitelijk leiding aan een grootschalige omzetbelastingfraude. Hij gebruikte op naam van meerdere jonge B.V.-houders valse aangiften en vervalste documenten om ruim € 378.000,- aan btw terug te krijgen van de Belastingdienst. Daarnaast vroeg hij op frauduleuze wijze een coronasteunmaatregel (TVL) aan bij de RVO, goed voor nog eens € 90.000,-.
De rechtbank nam het de man zwaar kwalijk dat hij als professioneel adviseur zijn kennis misbruikte en jongeren meesleepte in een fraudeconstructie. De rechter vond dat er sprake was van zodanig ernstig en maatschappelijk ontwrichtend handelen, dat openbaarmaking van het vonnis met volledige naam gerechtvaardigd was.
Daarbij speelde mee dat de verdachte:
al eerder was veroordeeld voor vergelijkbare feiten (2004),
tijdens het proces geen inzicht toonde in zijn handelen,
en geen verantwoordelijkheid nam voor de maatschappelijke schade die hij had veroorzaakt.
De rechtbank motiveerde dat de maatschappij er belang bij heeft te weten wie verantwoordelijk is, juist om het vertrouwen in het fiscale en juridische systeem te waarborgen.
Resultaat: Publicatie op Rechtspraak.nl mét naam en toenaam.
Zaak 2: Letselschadebemiddelaar verduistert tonnen – hof wijst naampublicatie af
In de tweede zaak stond een letselschadebemiddelaar terecht die valse arbeidsovereenkomsten en salarisstroken indiende om een verzekeraar te bewegen tot betaling van een regresschade van € 300.000,-. Daarnaast verduisterde hij ruim € 250.000,- aan schadevergoedingen die bestemd waren voor zijn cliënten.
De rechtbank Overijssel veroordeelde hem in 2021 tot 14 maanden cel (waarvan 4 voorwaardelijk) en gelastte ongeanonimiseerde publicatie van het vonnis. Het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, dat op 29 januari 2025 uitspraak deed in hoger beroep, deed dat niet.
Hoewel het hof de veroordeling grotendeels bevestigde en de verdachte zwaarder aansprakelijk achtte voor de gepleegde fraude, besloot het af te zien van ongeanonimiseerde publicatie.
Het hof overwoog dat:
het vonnis van de rechtbank al geruime tijd ongeanonimiseerd online had gestaan,
de verdachte daardoor al "ruimschoots de gevolgen had ondervonden",
en er geen additionele reden was om deze maatregel opnieuw op te leggen.
Resultaat: Publicatie op Rechtspraak.nl in geanonimiseerde vorm.
De rol van openbaarheid, proportionaliteit en het belang van de samenleving
Beide zaken laten zien dat rechters steeds vaker expliciet een afweging maken over de publicatie van persoonsgegevens van verdachten. Dat is geen vanzelfsprekendheid: de standaard blijft anonimisering, tenzij er zwaarwegende redenen zijn om daarvan af te wijken.
In de Rotterdamse zaak werd het belang van de samenleving en het geschonden vertrouwen in belastingadviseurs als doorslaggevend gezien. In de Arnhemse zaak speelde het mee dat de verdachte al publiekelijk was genoemd – herpublicatie zou volgens het hof geen toegevoegde waarde hebben.
De sleutel lijkt te liggen in de combinatie van ernst van de feiten, recidive, de maatschappelijke impact én de proportionaliteit van hernieuwde naamsvermelding. Rechters zoeken daarbij naar evenwicht tussen transparantie, vergelding en bescherming van de persoon in kwestie.
Slotgedachte
Dat twee soortgelijke fraudezaken zo’n verschillende uitkomst kennen op het punt van naampublicatie, laat zien hoe belangrijk de context is. Rechters maken geen zwart-witkeuze, maar wegen belangen van dader, slachtoffer en samenleving tegen elkaar af – met de naam van een verdachte als laatste, gevoelige schakel in het vonnis.
Meer lezen?
Uitspraak Rechtbank Rotterdam, 24 december 2024 (niet-geanonimiseerd)
Uitspraak Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 29 januari 2025 (geanonimiseerd)