Afwijzing verzoek schadevergoeding art. 530 Sv: verzoeker heeft zich in vroeg stadium voor advies tot advocaat gewend, maar gemaakte kosten zijn niet door toedoen van de Staat veroorzaakt

Rechtbank Noord-Holland 2 februari 2022, ECLI:NL:RBNHO:2022:827

Verzoeker heeft eind december 2019 (via familieleden) vernomen dat er aangifte tegen hem zou worden gedaan dan wel reeds zou zijn gedaan. Op 30 december 2019 heeft toen een bespreking met hem (en zijn vrouw) met de advocaat plaatsgevonden. Na het verhoor van verzoeker op 25 februari 2021 is de zaak uiteindelijk op 21 juni 2021 geseponeerd. Naar het oordeel van de rechtbank staan de werkzaamheden in 2019 (in totaal 2,5 uur) niet in rechtstreeks verband met een strafzaak. Die was er immers nog niet. In de omstandigheden van dit geval is het wellicht raadzaam geweest dat verzoeker zich al in een vroeg stadium voor advies tot een advocaat heeft gewend, maar de daardoor gemaakte kosten zijn geen kosten die door toedoen van de Staat zijn veroorzaakt.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Afwijzing verzoek schadevergoeding art. 530 Sv: sepotcode hoeft niet leidend te zijn voor billijkheid vergoeding kosten

Rechtbank Noord-Holland 2 februari 2022, ECLI:NL:RBNHO:2022:828

Dat verzoeker kundig is bijgestaan en dat dat mogelijk heeft geleid tot het sepot, levert niet onmiddellijk grond op voor toewijzing van het verzoek. De enkele omstandigheid dat sprake is van een beleidssepot betekent niet zonder meer dat per definitie gronden van billijkheid ontbreken. Ook de rechtbank heeft eerder overwogen dat de code van een sepot niet leidend hoeft te zijn voor het antwoord op de vraag of het billijk is dat kosten aan de gewezen verdachte worden vergoed. Waar het om gaat is de vraag of de gewezen verdachte de kosten aan zijn eigen houding of gedrag heeft te wijten.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Gewikt en gewogen: de vergoeding van advocaatkosten (530 Sv)

De gewezen verdachte moet na een vrijspraak of sepot vaak nogmaals de strijd aangaan. Dit keer om onder andere zijn advocaatkosten vergoed te krijgen. De strafrechter toetst in kostenvergoedingsprocedures of gronden van billijkheid aanwezig zijn om een schadevergoeding toe te kennen. Deze billijkheidstoets lijkt echter steeds vaker uit te monden in een meer inhoudelijke beoordeling van de strafzaak, hetgeen haaks staat op de eerdere vrijspraak of het eerdere sepot. Om duidelijk te maken dat de gehanteerde billijkheidsmaatstaven (in bepaalde gevallen) op gespannen voet staan met de onschuldpresumptie, toetsen wij in dit artikel aan de uitgangspunten van het EHRM. Volgens ons is het tijd voor een meer marginale toetsing waarbij billijkheid inderdaad de boventoon voert.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Een muis en een olifant spraken over de vergoeding van advocaatkosten na een vrijspraak

Vergoeding van kosten van strafrechtadvocaten na een vrijspraak is met regelmaat in het nieuws. Bij een vrijspraak worden de daadwerkelijk gemaakte advocaatkosten in beginsel als schade vergoed. Daar kan van worden afgeweken als die kosten onredelijk hoog voorkomen. De uitspraken die het nieuws halen worden veelal als zodanig aangemerkt. Dat spreekt begrijpelijkerwijs tot de verbeelding. De kosten van de individuele uitspraken die het nieuws halen, zijn een klein deel van het totaal aan advocaatkosten dat de overheid moet betalen vanwege vervolgingen die niet hebben geleid tot een veroordeling. Het is zinvol om te kijken naar de achtergronden van die totale kosten.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Vergoeding advocaatkosten: begrijpelijkerwijze bijstand door financieel-economisch strafrechtelijke en hoogstaande rechtshulp, maar geen vergoeding van alle uren

Gerechtshof Amsterdam 6 januari 2021, ECLI:NL:GHAMS:2022:37

De gehanteerde uurtarieven acht het hof niet bovenmatig. Verzoekster heeft zich begrijpelijkerwijze in eerste en tweede aanleg van gespecialiseerde, financieel-economisch strafrechtelijke en kwalitatief hoogstaande rechtshulp voorzien omdat het openbaar ministerie tegen haar strafvervolging had ingesteld ter zake van een van verzoeksters kernactiviteiten als commerciële onderneming. Dat van alle in rekening gebrachte uren en bedragen vergoeding wordt gevraagd acht het hof wel bovenmatig. Het hof wijst erop dat verzoekster en haar adviseurs zijn gehouden de efficiency van de verdediging in de gaten te houden en de schade waarvan vergoeding wordt gevraagd, te beperken.

Read More
Print Friendly and PDF ^