Afspraak tussen werkgever en (verdachte) werknemer over niet verdere sanctionering staat niet in de weg aan vervolging door OM. Toewijzing kosten voor rechtsbijstand (afwijking liquidatietarief).

Gerechtshof ’s-Hertogenbosch 20 februari 2023, ECLI:NL:GHSHE:2023:596

Read More
Print Friendly and PDF ^

Rb acht – ondanks perikelen rond verschoningsrecht – betrokkenheid RC bij onderzoekshandelingen naar geheimhoudersgegevens onnodig vanwege betrokkenheid medewerker geheimhouding en OvJ-geheimhouding

Rechtbank Midden-Nederland 10 augustus 2023, ECLI:NL:RBMNE:2023:4324

De officier van justitie heeft een vordering ingediend om de rechter-commissaris te betrekken bij het onderzoek aan inbeslaggenomen voorwerpen op de eventuele aanwezigheid van geheimhoudersgegevens. In eerste instantie is de officier van justitie niet-ontvankelijk verklaard in zijn vordering, maar is het door hem ingestelde hoger beroep door de rechtbank Midden-Nederland gegrond verklaard. De rechtbank Midden-Nederland overweegt onder meer dat de rechter-commissaris op grond van de wet geen verplichting heeft om aan de vordering gehoor te geven en dus onderzoekshandelingen te verrichten. De vraag is namelijk of dat nodig is gezien de stand van zaken van het opsporingsonderzoek. In deze zaak wordt die noodzaak niet gezien. De rechtbank overweegt dat het opsporingsteam / de officier van justitie al een specifieke medewerker geheimhouding op het oog heeft, die geen deel uitmaakt van het opsporingsonderzoek. Deze medewerker geheimhouding kan voor het onderzoek naar / voor de selectie van (mogelijke) geheimhouderstukken worden ingezet. Bovendien staat in de beslissingen opgenomen dat het parket van de officier van justitie over een zogenoemde 'OvJ-geheimhouding' beschikt.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Vrijspraak voor niet-ambtelijke omkoping wegens ontbreken lasthebberschap

Rechtbank Overijssel 31 juli 2023, ECLI:NL:RBOVE:2023:3011

De rechtbank heeft bij haar oordeelsvorming onder meer diverse uitspraken van rechterlijke colleges rondom artikel 328ter lid 1 Sr in beschouwing genomen. Wat de rechtbank in die uitspraken is opgevallen, en wat zij voor haar eigen beoordeling in onderhavige strafzaak overneemt, is dat er in die zaken een veel sterkere verbondenheid is tussen de Verdachte en de benadeelde dan in de onderhavige strafzaak, waardoor in die zaken wel gesproken kan worden van lastgeving in de zin van artikel 328ter lid 1 Sr en in onderhavige strafzaak niet. Het gaat dan in die strafzaken veelal om Verdachten die als bestuurder, aandeelhouder, commissaris of werknemer (rechts)handelingen hebben verricht. Een dergelijke situatie doet zich naar het oordeel van de rechtbank in de onderhavige strafzaak niet voor.

Read More
Print Friendly and PDF ^

OM niet-ontvankelijk in strafvervolging wegens schending verschoningsrecht

Rechtbank Overijssel 15 augustus 2023, ECLI:NL:RBOVE:2023:3322

In het dossier bevinden zich onder meer een analyse door het opsporingsteam van de aangetroffen geheimhouderinformatie, een proces-verbaal bevindingen tijdlijn (mede) gebaseerd op geheimhouderinformatie, tapverbalen van gesprekken met ouderlingen, de brieven van verdachte aan de ouderlingen en hun reactie daarop. Het nalaten van de vernietiging van geheimhouderinformatie, dan wel het ontbreken van een voorafgaande machtiging van de rechter-commissaris tot voeging van informatie aan de processtukken, en de daarmee samenhangende voortdurende mogelijkheid van kennisneming van die informatie, houden een schending in van een beginsel dat voor het strafprocesrecht door de wetgever zelf van fundamenteel belang wordt geacht.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Opnieuw tuchtrechtuitspraak over onderzoeken: Waarschuwing voor advocaat-onderzoekers die zich ’te veel lieten leiden door opdrachtgever’

Hof van Discipline 's Gravenhage 2 juni 2023, ECLI:NL:TAHVD:2023:86

In een recente tuchtrechtelijke uitspraak staat opnieuw de advocaat-onderzoeker centraal. Het Hof van Discipline gaf de advocaten, die optraden als leden van een externe onderzoekscommissie van een bank, uiteindelijk een waarschuwing. Bij hun onderzoek was de klachtenregeling leidend en had als hun onderzoeksprotocol te gelden. Het hof komt tot het oordeel dat de advocaten op 3 manieren in strijd hebben gehandeld met de betreffende regeling waardoor zij onzorgvuldig en tuchtrechtelijk verwijtbaar hebben gehandeld. (1) Op een voor klaagsters nadelige wijze is in het rapport betekenis gegeven aan de Engelse klachtenregeling. (2) De advocaten hebben zij onzorgvuldig gehandeld door (alleen) aan hun opdrachtgever een concept van hun rapportage voor te leggen. (3) Ook met het oordeel over de beschadigde werkrelatie tussen klaagsters en veel medewerkers in Londen hadden klaagsters geen rekening kunnen houden en konden zij zich daartegen ook niet kunnen verweren.

Read More
Print Friendly and PDF ^